K - O

 

KOOPMAN  1                                                                               HERVORMD

In 1795 was Jacob Koopman vanuit Bergen op Zoom beurtschipper op Middelburg. Verwantschap met hierna volgende schip-pers Koopman niet bekend.

 

KOOPMAN 2                                                                               HERVORMD

 

Martinus (Martien) Koopman (Nijmegen 1766-1831[1]) gedoopt in Schoonhoven, zoon van HGerrit Koopman en Margarita van Elzenraadt, in 1831 arbeider, huwde schippersdochter Petronella Mijnsbergen (1770-….) in 1831 arbeidster, dr.v. Antony Meijnsbergen[2] en Mayke (ook Maria) Stam. Uit het huwelijk Koopman-Mijnsbergen 9 kinderen. Zoon Gerard volgt II ,Martinus volgt II b en Theodorus volgt II c.

 

II a. Gerard Koopman (1790- Fort Bath 1861), is in 1812 schipper.[3]

 

II b. Martinus Koopman (1794- 1855) arbeider 1825, schippersknecht 1840, huwde 1823 Maria Antonisse (1802-1875) dochter van Marinus Anthonisse en Catharina Stoep. Hun zoons zijn schippersknechts en vertrekken uit Bergen op Zoom. Dochter Pieternella (ook Petronella) (1822-….) huwde schippersknecht, later visser, Sebren (ook Sijbren) Jelderda (1815-1880) zoon van metselaarsknecht Sebren Jelderda en Maria Klaassen.

           

II c. Theodorus Koopman (1801-1850) huwde Johanna Antonissen (1804-1861) dr. van Marinus Antonissen en Catharina Stoef. Hun achterkleinzoon Adrianus volgt hieronder:

[1] Op overlijdensakte was geboorteplaats Nijmegen.

[2] Dit echtpaar komt uit Willemstad.

[3] VT 1812

 

KOOPMAN  3                                                                               HERVORMD

 

Adrianus Koopman (1896-1942) zoon van Jacobus Koopman en Dimphena Catharina Disco, huwde Johanna Antoinetta Broos. Vanaf circa 1932 eigenaar van de Schelde 1 (ex Oving II) een in 1916 te Alphen aan den Rijn gebouwd motorschip van 121 ton.[1]

[1] SMD 27-10-1932

Klik hier om een tekst te typen.

 

 

 

LANDA                                                                                         HERVORMD

 

Lambertus Landa komt als militair in het begin van de negentiende eeuw vanuit Leiden naar Bergen op Zoom. Veel leden van deze uitgebreide familie zijn werkzaam in de visserij, enkelen van hen werken een periode als schippersknecht, schipper of als zetschipper.

 

I. Lambertus Landa (Leiden 1790-1841) zoon van Jan Landa en Jannetje Hollebeek. Komt als militair naar Bergen. Hij is kanonnier bij de 4e Compagnie Korps Rijdende Artillerie, daarna hoefsmid. Hij huwde 1820 met Cornelia Magdalena van Dort (1799-1877) dr.v. schipper / visser Willem van Dort[1] en Elisabeth Augustijn. In 1831 is hij winkelier. Adres 1860/80 Zuidzijde Haven 19.[2] Uit het huwelijk Landa-van Dort 14 kinderen. Zeker 4 zoons zijn werkzaam in de scheepvaart. Zoon Willem volgt II a. en zoon Lambertus volgt II b.

 

II a. (van I) Willem Landa (1820-1890) is in 1847 en 1890 visser en in 1864 schippersknecht. Hij huwde 1846 met Grietje Otten (Oosterbeek 1822-1912) dr.v. Hendrik Otten en Dirkje Lammers. Uit het huwelijk Landa-Otten dochter Cornelia         Adriana (1849-1903) huwde 1871 met Pieter Johannes Schot (1846-1912) visser, schippersknecht.[3] Zoon Wilhelmus Adrianus, volgt III a.

 

III a. (van II a) Wilhelmus Adrianus Landa (1847-….) huwde 1871 met Francina de Min (1847-1946) [Kath.] dr.v. Wilhelmus de Min en Maria Cornelia Maurer. Wilhelmus is 1880/00 schippersknecht <doorgehaald schipper.[4] In 1871/72 eigenaar van een schouw van 16 ton.[5] Adressen: 1880/00 Noordzijde Haven achtereenvolgens 60, 49 en 58.[6] Uit hen zes zoons. Vier van hen zijn schipper, geen schepen bekend.

 

II b. (van I) Lambertus Landa (1839-….) huwde H. en L. Zwaluwe 1875 met Dingena ten Haaf, dr. van Bastiaan Pieter ten Haaf en Anna van Bavel. Uit dit huwelijk vier zoons en een dochter, allen geboren te Rotterdam. Zoon Pieter Adam volgt III d.

 

III b. (van II b) Pieter Adam [de Rotterdammer] Landa (Rotterdam 1887-1953) visser, schipper en visser in 1953, huw-de 1902 met Elisabeth van Gent (1887-….) dochter van Johannes van Gent en Hendrika Wilhelmina Laenen. Tijdens de stormramp in 1911 was zijn houten schip geladen met buizen bij het Heensche Sas verloren gegaan.[7] Landa had later de klipper Elisabeth die in 1899 in Temse was gebouwd. Dit schip werd in mei 1918 weer verkocht. Uit het huwe-lijk Landa-van Gent 10 kinderen. Een aantal zonen is werkzaam in zowel de binnenvaart als visserij.

[1] Zie VAN DORT 1 sub I..

[2] BR 1860/80

[3] Zie SCHOT 1 sub I. nakijken

[4] BR 1880/00

[5] PB 1871/73

[6] BR 1880/00

[7] Zie hoofdstuk 4, Stormramp zaterdag 30 september 1911.

  

 

 

MARTENS  1                                                                                   KATHOLIEK

 

De naam werd ook geschreven als Mertens en Meertens. De voornaam wisselt ook, Guillaume , Guilielmus of Willem.

 

Willem Martens (circa 1763-1829) huwde 1e met Joanna (Anna) Simons (ook Siemons) (….-1811) en huwde 2e 1816 Adriana Baartmans, dr. van Johannis Baartmans en Maria de Wolf. In 1812 eigenaar van een poon van 22 ton, de № 6.[1] Hij vaart ondermeer op Lillo. In 1824 beurtschipper op Antwerpen en eigenaar van een staatsieschuit.[2] Uit het 1e huwelijk o.a. Johanna Wilhelmina Martens (1796-1875) die huwde met beurtschipper Marinus de Jager.[3]

[1] IU 1812

[2] SSS 1824

[3] Zie DE JAGER 1 sub III b.

 

MARTENS  2

 

Geen verwantschap gevonden met voorgaande schipper Martens.

Marten Hendrik (Hein) Martens (Zierikzee 1866-1944) zoon van schipper Hendrik Martens en Pieternella van Westen. Toen hij 1 jaar was overleed zijn vader. Hij huwde te Sint Maartensdijk 1891 met Maria Verheijke (Zelzaete 1870-1953) dochter van schipper Pieter Verheijke en Francina IJsseldijk. Marten voer van 1897 tot 1908 met de klipper Georgius, gebouwd te Hoogezand 1897 en 140 ton groot. Volgens RSR 1914 is eigenaar M. Martens te Zierikzee met zetschipper L. van de Wal. In 1908 liet Martens te Hoogezand de klipper Actief bouwen, deze was 208 ton groot. Domicilie was Zierikzee. Hij verkocht dit schip in 1920 aan E. Groen uit Groningen. In 1920 ingeschreven in Bergen op Zoom, vorig domicilie was Halsteren.

De moeder van Marten woonde met haar tweede man Jacob Vermeulen in Bergen op Zoom aan de Noordzijde Haven nr. 106.

 

Klipper Actief. Foto beschikbaar gesteld door Bert Zwikker.

 

VAN MECHELEN                                                                         HERVORMD

 

Johannes van Mechelen (1841) zoon van Adrianus van Mechelen en Maria van Elzakker. BR 1860/80 schipper. In 1867 beurt-schipper op ’s-Gravenhage. Adres: BR 1860/80 geen opgave. Volgens HG 1875 vervoerde Van Mechelen een zogenoemde Komedie. Gezin vertrekt 9 november 1876 naar Rotterdam. PB 1872/73 eigenaar van de tjalk De Zes Gebroeders van 42 ton.

 

 

MIJNSBERGEN                                                                           HERVORMD

 

De familie Mijnsbergen kwam oorspronkelijk uit Willemstad. De naam werd op veel manieren gespeld: Meijnsbergen, Meijs-berg, Meijsbergen, Meijsberghen, Meisbergen, Mijnsbergh, Mijsbergen, Mijsberghen, Mijsberg, Mijsbergh, etc. Antoni Mij(n)sbergen (Willemstad 1740-1812) zoon van chirurgijn en burgemeester van Willemstad Michiel Alphonse Mijsbergh en Arnoldina van der Moer, vestigde zich in 1762 te Bergen op Zoom. De hierna volgende Antonie Adrianus was een achterkleinzoon van deze Antoni. Veel leden van deze familie waren visser.

 

I. Antonie Adrianus Mijnsbergen (ook Mijnsbergh) (1838-Rotterdam 1919) zoon van Antonij Mijnsbergh en Adriana Ditvoorst. Huwde 1e 1865 Maria Meeuwis (1839-Antwerpen 1874) dr.v. voerman Adrianus Meeuwis en Geertrui Braat. Huwde 2e 1884 Anna Pe-tronella Plasmans (1842-1906) [Kath.] dr. van Hendrik Hermanus Plasmans en Maria van den Boom. Antonie is in 1860/80 en 1880/00 schipper.[1] Adres: 1860/80 Haven C 108.[2] In 1880/00 D 19 (doorgehaald), Noordzijde Haven (doorgehaald), Zuid-zijde Haven C 105 (doorgehaald) 115.[3] Uit het 1e huwelijk 4 kinderen . Uit 2e huw.: 2 zoons.

[1] BR 1860/80 en 1880-00

[2] BR 1860/80

[3] BR 1880/00

 

MIJSBERGEN                                                                               HERVORMD

 

Ook degenen die hun naam als Mijsbergen schrijven stammen af van Antoni Mijnsbergen (1740-1812). De hierna volgende I a Anthonie, I b Johannes en I c Hendrik zijn kleinzoons van de eerste Antoni.

 

I a. Anthonie Mijsbergen (ook Antoine Mijsberg) (1788-1843) zoon van Machiel Mijsberg[1] en Anna Catharina Gieseling[2]. Hij huwde 1811 met Elisabeth Kot (ook Kodt) (Halsteren 1788-1844) dochter van Marinus Kot en Neeltje Timmerius. In 1812 1830 en 1840 schipper.[3] In 1824 eigenaar van een schouw[4] en in 1831 eigenaar schuit.[5] Adres: 1830 Zuidzijde Haven 58[6], 1840 Moeregrebstraat 71 a.[7]

 

I b. Johannes (Jan) Mijsbergen (1795-1847) zoon van Machiel Mijsberg en Anna Catharina Gieseling, schipper huwde 1824 met Anna Elisabeth van der Kuijl (1794-1868 dr.v. Engel van der Kuil[8] en Maria Rinner. In 1824 eigenaar van een schouw.[9] Uit hen 4 kinderen. Zoon Engel volgt II.

 

II. Engel Mijsbergen (1828-1882) huwde 1850 met Maria Wilhelmina Maas (1827- Terneuzen 1904) dr.v. Henricus Maas[10] en Johanna Schot. Engel is aanvankelijk visser en in 1860/80 schipper.[11] Adres 1860/80 Dubbelstraat zonder nr.[12] Uit het huwelijk Mijsbergen-Maas negen kinderen. Zoon Johannes H. volgt III.

 

III. Johannes Henricus Mijsbergen (1854-1934) visser, schipper huwde 1881 met Johanna Petronella Landa (1856-1936) dr.v. Johannes Lambertus Landa[13] en Petronella Binkhorst. Johannes is in 1880/00 schipper.[14] Adres:         1880/00 Achter Gasfabriek C 186 (doorgehaald) Dubbelstraat D 81.[15] In 1900/1920 aan boord van schip Jeanne[16] een kempenaar van 'La Meuse' te Antwerpen Uit dit huwelijk 7 kinderen.

 

I c. Hendrik Mijsbergen (1803-Goes 1843) zoon van Machiel Mijsberg en Anna Catharina Gieseling, huwde 1831 met winkelierster Katharina Touw (1802-1844) dr.v. Daniel Danielsen Touw[17] en Willemina Overbroek. In 1831 eigenaar schuit.[18] Hendrik is in 1840 schipper.[19] Adres: Zuidzijde Haven 36 (2 huisgezinnen, 8 inwoners).

[1] Machiel Meijnsbergen (ook Mijsberg) (1762-1831) huwde 1787 met Anna Catharina Gieselingh (Gieseke) (Breda 1762-1818) dr. v. Hendrik Gieseke , zoon van Antony Meijnsbergen (Willemstad 1741-….) huwde 1762 met Mayke (Maria) Stam (Almkerk 1741-….).

[2] Ook Giesik en Gieze.

[3] VT 1812, 1830 en 1840

[4] SSS 1824

[5] BSA 1831

[6] VT 1830

[7] VT 1840

[8] Zie VAN DER KUYL 2

[9] SSS 1824

[10] Zie MAAS sub I.

[11] BR 1860/80

[12] BR 1860/80

[13] Zie LANDA II b.

[14] BR 1880/00

[15] BR 1880/00

[16] BR 1900/20

[17] Zie TOUW 1 sub I a.

[18] BSA 1831

[19] VT 1840

 

 

NEDERVEEN                                                                         HERVORMD 

Het hierna volgende echtpaar had vier dochters die alle vier met een Bergse schipper trouwden. Het gevolg is dat heel veel Bergse schippers er van afstammen.

 

I. Jacob Nederveen (Werkendam 1770-1842) huwde 1e 1788 met Paulina van der Kuijl. Huwde 2e 1800 met Johanna de Keijzer (ca 1779-1865) dochter van Dirk de Keijzer en Johanna Bergmans. Jacob koopt 22 mei 1813 een oude schouw voor ƒ 60.- van de zoons van Fop Smit te Alblasserdam.[1] In 1824 eigenaar van een beunschouw[2], hij vaart er mee in de zogenaamde Brede Beurt. In 1831 heeft hij een schuit van 24 ton.[3] Jacob is in 1834 ventjager en in 1840 schipper.[4] Bij overlijden beroep ventjager. Adres 1840: Zuidzijde Haven 96 (2 huisgezinnen en 5 inwoners).[5] Uit het huwelijk Nederveen-van der Kuijl 2 dochters. Uit het huwelijk Nederveen-de Keyzer 4 dochters:

            Dochter Johanna Philippina Nederveen (1805-….) huwde 1826 met schipper Pieter Schot (1804-1875)[6]

            Dochter Anna Nederveen (1807-….) huwde 1833 met schipper Engel van der Kuijl (1797-1879)[7]

            Dochter Dirkje Nederveen (1809-1876) huwde 1834 met schipper Pieter van den Berg (1811-….)[8]

            Dochter Aagje Nederveen (1811-….) huwde 1836 met schipper Johannes van Dort (1812-….)[9]

[1] Het Rekeningenboek van Fop Jansz Smid 1775-1789 en zijn beide zoons 1811-1814.

[2] SSS 1824. Jacob is ventjager, d.w.z. dat hij verse vis vervoert. Deze werden in de bun of beun in leven gehouden.

[3] BST 1831

[4] VT 1840

[5] VT 1840

[6] Zie SCHOT 1 sub I.

[7] Zie VAN DER KUIJL 4 sub II,

[8] Zie VAN DEN BERG SUB I.

[9] Zie VAN DORT 2 sub II c.

XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX

 

VAN OOST                                                                                 HERVORMD

 

I. Quirijnis (Krijn) van Oost (Sint Annaland 1827-Schoonhoven 1896) schipper, zoon van Lambrecht van Oost en Maria Kaspers, huwde Sint Philipsland 1858 met Apolonia Pieternella Mariceaux (Tholen 1835-….) dr.v. Isodore Fictore Mariceaux en Francina Johanna Wessels. Krijn vestigde zich in Bergen op Zoom en is in 1890/91 eigenaar van de Dankbaarheid een tjalk van 49 ton waarmee hij niet in een vaste beurt voer.[1] Uit dit huwelijk drie dochters en drie zoons. Dochter Francina Johanna (Oud-Vossemeer 1865-Zierikzee 1950) huwde 1888 met Johannes Cornelius Maas (1862-Zierikzee 1951) [2] Zoon Lambrecht volgt II.

 

II. Lambrecht van Oost[3] (Oud-Vossemeer1866-Antwerpen 1932) huwde 1891 met Maria Kostense ( Sint Philipsland 1867-Rotterdam 1958) dr.v. Abraham Kostense en Leuntje van de Ree. Lambrecht voer eerst als zetschipper voor M. Boot uit Zierikzee op de Pieter Jan een houten schip[4] van 127 ton. In nacht van 11 feb. 1898 sloeg het houten schip op de glooiing van het Val van Zierikzee. Juist in deze nacht kwam zijn oudste zoon ter wereld. M. Boot is in 1900 eigenaar van een in 1876 te Leeuwarden gebouwde houten tjalk van 138 ton. Dit schip heette De Vrouw Helena.[5] Gezin Van Oost vertrekt 1903 naar Strijen. Daarna was Lambrecht schipper-eigenaar op de in 1907 te Mijdrecht gebouwde Maria, een hagenaar van 87 ton.[6] Domicilie was Strijen. Hij nam de klipper Engelina over van J.Aarnoudse van Herwijnen. Hij doopte het schip om in Ahead, thuishaven bleef Strijen. Dit schip van 106 ton was in 1914 te Alphen ad Rijn op werf Boot gebouwd. In 1927 liet Lambrecht bij Fikkers te Muntendam het 124 ton grote motorschip Ahead bouwen. Uit het huwelijk Van Oost-Kostense een dochter en zes zoons. Vijf zoons volgen in het schippersvak maar hebben geen band meer met Bergen op Zoom.

[1] PB 1890/91

[2] Zie MAAS sub III b.

[3] Veel gegevens van deze familie zijn afkomstig uit het artikel ‘Zomaar een willekeurige schippersfamilie’ door J. de Mik in Binnenvaart, nr. 1, apr. 1992.

[4] Volgens J.de Mik, die met een kleindochter van Lambrecht I. van Oost was gehuwd, was de Pieter Jan een koftjalkje. Bron: Binnenvaart 1e jrg. Nr. 1 apr. 1992.

[5] SMD 1900

[6] RSR 1914

XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX